opsporing

LOEMA


opsporing(at)loema.nl
loet(at)loema.nl

duoheartbeat(at)loema.nl


Welkom op de pagina "Opsporing".


Begin 2003 vroeg een kennis mij of ik ook pijpleidingen kon traceren.

Vanaf dat moment was er geen eind meer aan de mogelijkheden om met de roeden te traceren wat ik wil.

Na het opsporen van de pijpleiding van de Landmacht DPO (Defensie Pijpleiding Organisatie) begon een periode van verschillende experimenten.


Het eerste betreft het opsporen van een aantal Bommen uit de WO-II.

Onder het toeziend oog van een aantal door Defensie uitgenodigde rationeel denkende militairen met sceptische aanleg, waaronder ook de Marine uit Den Helder, heb ik een opsporing naar grote vliegtuigbommen uitgevoerd.

Uiteraard was ik van de ligging van de objecten niet op de hoogte.

Er is een mooi verslag in het Defensie Vakblad opgenomen.


Autowrakken.

Uit deze opsporing is gebleken dat het mogelijk is om objecten op en in de bodem onder water op te sporen.

Sonar werkt op een signaal dat teruggekaatst wordt vanaf een object dat op de bodem ligt en met mijn methode meet ik een afwijkende zwaartekracht, waarmee objecten op en in de bodem van het water opgespoord kunnen worden.


Scheepswrak Noordzee.  

Voor deze opsporing heeft Rijkswaterstaat Dienst Noordzee mij de gelegenheid gegeven om op een schip van de Kustwacht, de Arca, mee te varen. 

Daarmee is aangetoond dat diepte geen probleem oplevert voor de opsporing. 


Vliegtuigwrak Noordzee

Vervolgens diende zich de opsporing van een B-17 op verzoek van de Duik- en Demonteergroep van de Koninklijke Marine aan, waarbij tevens duikers van de Amerikaanse Marine aanwezig waren.

De B-17 Bommenwerper is op 4 februari 1944 neergeschoten door een Duitse jager en in zee gestort. Het gaat om een B-17 van het 418th Bomb Squadron van de 100th Bomb Group.

In een eerder stadium had ik met een groep duikers, van de WDSR uit Zeeland, op de Noordzee locaties gecontroleerd op aanwezigheid van afwijkende zwaartekracht, dit eveneens i.v.m. de opsporing van deze B-17.
Met de Marine kwam ik op precies dezelfde plaatsen uit. 

Verdwenen auto met twee inzittenden.

In samenspraak met SBS6 heb ik een opsporing gedaan naar een verdwenen auto met twee inzittenden.

Op verzoek van de familie heb ik een uitgebreid onderzoek verricht op het door hen aangegeven kanaal. Hiermee heb ik kunnen bevestigen dat er op de aangegeven plaatsen geen objecten in het water aanwezig zijn.

Enkele jaren later is de auto met de vrouwen daarin onverwacht bij baggerwerkzaamheden in een singel in Muiden boven water gekomen. We hadden indertijd toch onze zoektocht naar de gracht in Muiden moeten verplaatsen, dan hadden we de auto gevonden.

Gelukkig voor de familie is er nu duidelijkheid ondanks het trieste resultaat. 

Deze opsporing is met dit resultaat afgesloten.

Opsporing bunkers in Egmond aan Zee.

Ik heb een groot bunkercomplex in het Noordelijk Duingebied van Egmond aan Zee getraceerd.

Lang geleden heeft men besloten om de bunkers niet af te breken, maar onder het duinzand te verbergen. Nu valt er voor mij weinig te verbergen en heb ik het hele complex getraceerd. Momenteel is er in een gedeelte van het complex een museum ingericht.


Opsporing bunkerresten in Bilthoven.

Na mijn onderzoek bleek het uiteindelijk te gaan om een grote hoeveelheid munitie opslagbunkers, zeker 70 á 80 stuks, en huisvesting voor het Duitse Opperbevel aan het einde van de oorlog. Het complex was van het 88e Armeekorps. Men had het voorzien op de Vliegbasis Soesterberg. Mij is verteld dat er tussen de 100 en 200 bommen en raketten op de betreffende omgeving zijn neergelaten.

De overheden waren overeengekomen dat de bunkers in het kader van een oefening door de genie zouden worden opgeblazen en dat Bilthoven zelf zou zorgen voor het verdwijnen van de puinhoop.

Het resultaat is dus dat er heden ten dagen onder het mooie wandelgebied de Leyen bij het zo bekende "meertje", waar ik van kinds af aan al kom om te wandelen, het puin van ongeveer 80 bunkers in de bodem ligt.

Heel bizar.

Een afijkende opsporingsmethode.

Het traceren van het spoor van een verdwenen man.

Een paar jaar geleden was er op een dag een inwoner van mijn woonplaats verdwenen. Een week zoeken met speurhonden en duikers in diep water, een zgn put, leverde niets op.

Ik werd benaderd door familie van de vermiste persoon met het verzoek om de betreffende man te zoeken. Men was op de hoogte van mijn net ontwikkelde opsporingsmethode: "het volgen van sporen."

Ik heb dus nadat de man een week weg was binnen twee uur het spoor van hem vanaf zijn woning gevolgd en ben op een plek op de nieuwe hoge brug over de Lek uitgekomen.

Het spoor was helder en goed te volgen en stopte exact op een plek waar de persoon van de brug is gesprongen.

Na mijn onderzoek heb ik de familie geïnformeerd.


Tevens heb ik Bernard Jens van de recherche Utrecht geïnformeerd. "Wij ondernemen geen actie op dergelijke meldingen." Dat was het antwoord.

Weer moest ik aan de opmerking van voormalig Minister van Justitie Ivo Opstelten denken, die hij n.a.v. mijn onderzoek in Maastricht had gepubliceerd.

Ik heb aangegeven dat het zoeken in de Put naast de brug geen zin had omdat de man in de Lek was gesprongen en men beter in de rivier kon gaan zoeken.

Vijf weken achtereen is men met behulp van allerlei kostbare middelen en tijd in de Put blijven zoeken.

Zelfs een speciaal onderzoeksteam uit Urk en duikers van de Koninklijke Marine zijn er aan te pas gekomen.

Niets.

Vreselijke tijd voor familie en vrienden.


Jammer dat op mijn activiteiten altijd zo heftig wordt gereageerd als: "Je moet de familie geen valse hoop geven en hen met rust laten."

Wie heeft in dit geval nu eigenlijk de familie, vijf weken lang met een uitloop van vier maanden, valse hoop gegeven?

Ik zal nooit zeggen dat men geen goed werk verricht, maar luister ook eens naar mij.

Vier maanden later ontdekte een schipper het lichaam van de man, tien kilometer verderop aan de oever van de LEK.